Prijzen zijn bruto prijzen, hetzij in een schikking anders is bepaald

De opdrachtnemer van een bouwproject mag in geval van een “vrije” opzegging van het contract de overeengekomen vergoeding opeisen, ook voor niet meer geleverde prestaties

Prijzen zijn bruto prijzen, hetzij in een schikking anders is bepaald

De opdrachtgever van een bouwproject kan het contract met zijn opdrachtnemer te allen tijde zonder opgave van redenen “vrij” opzeggen.

Maar hier zit voor hem wel een prijskaartje aan vast. De ondernemer mag namelijk in geval van zo’n “vrije” opzegging van het contract de overeengekomen vergoeding opeisen, ook voor de uiteindelijk niet meer verrichtte prestaties. Wat betreft de omzetbelasting op bouwprestraties mag anderszijds de opdrachtnemer deze niet in rekening brengen voor de niet verrichtte bouwprestaties. Mochten bovendien de contractpartijen hieromtrent tot een schikking komen, kan de opdrachtnemer geen aanspraak maken op de uitvaardiging van een factuur met daarin opgenomen de omzetbelasting, als niet kan worden vastgesteld, voor welk deel van het bedrag daadwerkelijk prestaties werden verricht. Aldus een recentelijke uitspraak door het Oberlandesgericht Brandenburg.

Omzetbelasting of niet?

De toedracht: na een zogenaamde “vrije” opzegging van een bouwcontract eist de opdrachtnemer van zijn opdrachtgever bij wege van rechtsvordering de betaling van € 379.000 (netto) voor geleverde en niet geleverde prestaties. Uiteindelijk treffen beide partijen een schikking, op grond waarvan de opdrachtgever € 70.000 aan de opdrachtnemer dient te betalen. Hiermede zijn overeenkomstig de regeling “alle met het geding verbonden aanspraken vereffend”. Maar nadat de opdrachtgever de overeengekomen som heeft overgemaakt, eist de opdrachtnemer het opmaken van een factuur met hierin opgenomen de omzetbelasting.

Zonder succes. Weliswaar geldt bij overeenkomsten van welke aard dan ook ‒ dus ook in het geval van een schikking ‒ dat in de totale prijs de omzetbelasting is inbegrepen. Maar in de bovengenoemde casus zijn de contractspartijen nu eenmaal iets anders overeengekomen; de opdrachtnemer had een nettobedrag gevorderd en hierdoor was de kwestie van omzetbelasting niet aan de procedure gekoppeld. Om de omzetbelasting hierin te betrekken, had dit uitdrukkelijk in de schikking moeten worden opgenomen. Dit hebben de partijen echter verzuimd. Een deel van de vergoeding is ongetwijfeld voor de niet geleverde prestatie, waarvoor geen omzetbelasting in rekening gebracht hoeft te worden. En omdat niet kan worden vastgesteld, voor welk deel van het bedrag daadwerkelijk prestaties werden verricht, kan geen factuur inclusief omzetbelasting worden opgemaakt.

Heeft u vragen over bouwrecht in Duitsland, neem contact op met Udo Croonenbrock.

 

Seminars Duits Bouwrecht

 

  • gepubliceerd : maandag, 08 april 2019