Geen compensatie voor het ontwerp van een latere bestseller

De erfgename van een designer wil van Porsche een achteraf-vergoeding wegens het commerciële succes van het model 911. Het Landgericht Stuttgart wees de eis af

Geen compensatie voor het ontwerp van een latere bestseller

Stel je bent erfgenaam van een reeds jaren geleden overleden auteur of ontwerper, wiens maaksels ook jaren na zijn dood nog steeds (of pas dan) absolute topsellers zijn. 

Weliswaar heeft de erflater in zijn actieve tijd het recht van gebruik aan zijn toenmalige werkgever of een uitgeverij verleend. Maar toch, als zo’n product decennia later blijkbaar nog (of pas dan) miljoenen oplevert, is het wellicht de moeite waard eens te bekijken of je als erfgenaam de eigenaar van het recht van gebruik niet met juridische middelen kunt “overtuigen”, dat de toentertijd met de auteur of ontwerper overeengekomen vergoeding een tikkeltje aan de magere kant was.

 

“Fairnesscompensatie”

 

Op dit idee kwam de erfgename van wijlen Erwin Franz Komenda, die tussen 1931 en 1966 als constructeur bij Porsche werkzaam was en onder meer betrokken was bij de ontwikkeling van de VW Kever, het Porsche-model 356 (de eerste) en diens opvolger, model 911. Aanleiding voor de dame om Porsche te dagvaarden met een vordering, die in de tientallen miljoenen gaat, was het enorme succes van de oorspronkelijke Porsche 911 en met name diens opvolgers 997 en 991. Haar argument: de destijds contractueel overeengekomen vergoeding van haar vader ten tijde van zijn leven als constructeur bij Porsche staat in generlei verhouding tot de opbrengsten en voordelen die Porsche ook heden nog door het design geniet.  

 

Weliswaar had de klagende partij hiermee (nog) geen succes, het Landgericht Stuttgart wees de eis van Komendas dochter af. Maar de kans dat andere klagers in andere constellaties zullen proberen om een auteursrechtelijke “fairnesscompensatie” in te vorderen voor designs, die vele jaren geleden zijn ontstaan, is na dit eerste vonnis niet de wereld uit.

 

Het Landgericht moest zich in deze procedure buigen over de zog. “Bestsellerparagraaf” in het Duitse Urhebergesetz. Deze wettelijke regeling verleent aan een auteur in geval van onverwacht groot commercieel succes van zijn maaksel onder bepaalde omstandigheden aanspraak op aanpassing van zijn contract. Reden voor het afwijzende vonnis was het feit, dat de klagende dame geen gebruik door Porsche kon aantonen, waarvoor het concern tot een vergoeding verplicht zou zijn geweest. Zij had haar aanspraken vooral gebaseerd op de veronderstelling, dat haar vaders bijdrage aan de actuele series van het model 911 als aanpassingen of zelfs reproducties te zien zou zijn. Het Landgericht stelde echter aanzienlijke verschillen vast tussen de oervorm van de Porsche 911 en de opvolgermodellen 997 en 991 van latere datum.  

 

Ongeacht de uitkomst van de Porsche-zaak in hoger beroep zal de procedure menig bedrijf in Duitsland aanleiding geven, de contractuele betrekkingen met haar designers in vaste dienst en vergelijkbaar creatief bezige medewerkers m.b.t. auteursrechtelijke aspecten te toetsen.

 

Heeft u vragen over auteursrecht in Duitsland, neem dan contact met Heinz-Josef Klönne.

 

 

  • gepubliceerd : woensdag, 03 oktober 2018