Met uitzendpersoneel de grens over

maandag, 10 april 2017

Met ingang van 1 april is in Duitsland een herziene uitzendwet in werking getreden. Er gelden een aantal nieuwe regels inzake equal pay en equal treatment voor uitzendkrachten

Met uitzendpersoneel de grens over

Sinds 1 april is in Duitsland een herziene uitzendwet (Arbeitnehmerüberlassungsgesetz, AÜG) van toepassing. Oorspronkelijk bedacht om uitzendkrachten beter te beschermen beoogt dit initiatief van de Duitse Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid intussen ook een effectievere sturing van de arbeidsmarkt.

Uitzendwerk en aannemingsovereenkomsten maken onze economie flexibeler. Niettemin willen we voorkomen dat deze instrumenten misbruikt worden om druk uit te oefenen op werknemers, lonen en arbeidsvoorwaarden”, aldus Minister Andrea Nahles.

De twee meest essentiële wijzingen zijn voor meer dan de helft van de uitzendkrachten van belang. Ten eerste: tot op heden was het mogelijk uitzendkrachten voor onbepaalde tijd bij een inlenend bedrijf in te zetten. Per 1 april mag een uitzendkracht nog maar maximaal 18 maanden bij dezelfde inlener werkzaam zijn. Deze regeling treedt m.i.v. 1 april in werking, dus uiterlijk op 1 oktober 2018 zou een uitzendkracht bij het inlenende bedrijf weg moeten, tenzij het dienstverband tussentijds voor een periode van minimaal 3 maanden onderbroken was; zou dit het geval zijn begint na die onderbreking een nieuwe periode van 18 maanden.

Ten tweede: tot op heden was het mogelijk met een uitzend-cao te werken. Zo konden de inlenersbeloning (equal pay) en wezenlijke secundaire arbeidsvoorwaarden (equal treatment) voor onbepaalde tijd worden voorkomen. De in zo’n uitzend-cao bepaalde slechtere arbeidsvoorwaarden zijn weliswaar vanaf 1 april nog steeds mogelijk, maar nog slechts voor een tijdsbestek van 9 maanden. Ook hier is een tussentijdse onderbreking van 3 maanden mogelijk. Zou dit het geval zijn, begint daarna een nieuwe periode van 9 maanden. Daarna kan de uitzendkracht aanspraak maken op hetzelfde loon en dezelfde secundaire arbeidsvoorwaarden, die voor een werknemer in vergelijkbare functie in vast dienstverband gelden.

Staking breken met uitzendkrachten verboden

Het zal nauwelijks verbazen dat door deze maatregels de tewerkstelling van uitzendkrachten in Duitsland duurder wordt. Zodoende moet een uitlener met klanten in Duitsland, die uitgezonden werknemers langer dan 9 maanden in dienst hebben, zijn kostprijscalculatie eens onder de loep nemen en aanpassen. Want na 9 maanden vallen de uitgezonden werkkrachten onder de equal pay/equal treatment-regelingen van het AÜG. Het gevolg: de uitzendkracht wordt voor de uitlener duurder. Hij doet er goed aan te toetsen, of het uitzenden na de wetswijziging nog winstgevend is en erop toe te zien dat hij de hogere kosten aan de inlener kan doorberekenen. Wie overigens de in de herziene uitzendwet voorgeschreven equal pay/equal treatment-regelingen niet hanteert, bevindt zich in overtreding en moet met boetes rekenen tot € 500.000.

Naast de twee bovengenoemde punten heeft de herziene uitzendwet nog een aantal andere wijzingen in petto. Uitgezonden werknemers mogen bijvoorbeeld niet worden ingezet om een staking te breken; kennisgeving hieromtrent moet in het contract tussen uitlener en inlener zijn opgenomen, zodat de inlener a priori weet dat hij de uitzendkracht niet als stakingsbreker mag inhuren. Daarnaast krijgt de ondernemingsraad van een bedrijf verdergaande rechten op informatie over de inzet van uitgezonden werknemers.

Eveneens nieuw zijn een reeks eisen aan de contractvorm. Zo moet in de kop van het contract tussen uitlener en inlener de term Arbeitnehmerüberlassung staan. De overeenkomst met het inlenende bedrijf moet door de uitlener én de inlener persoonlijk zijn ondertekend. Tevens moet de uitgezonden werknemer vooraf concreet met naam worden genoemd en de uitgezonden werknemer moet vooraf aantoonbaar op de hoogte zijn gesteld dat hij als uitzendkracht wordt ingezet. Dit vergt een nieuwe documentatie in de personeeldossiers.

Uitzenden van personeel is vergunningplichtig

Het uitzenden van personeel is in Duitsland per definitie een vergunningplichtige werkzaamheid. Dit moeten ook Nederlandse bedrijven bij hun activiteiten in Duitsland in acht nemen. Payrolling is naar Duits recht trouwens ook uitzenden. De vergunningplicht geldt overigens ook binnen een concern. Doorlenen is niet geoorloofd. Het uitzenden in het zo genoemde Bauhauptgewerbe is in principe niet toegestaan. Duitse bedrijven was het al langer bekend: je mag geen uitzendkrachten in het zogenoemde Bauhauptgewerbe aan het werk zetten, dus in de klassieke bouwbranches zoals betonbouw en metselarij.

Maar buitenlandse vennootschappen, die in de Duitse bouw projecten met uitzendkrachten uitvoeren, hoefden tot nu toe nooit sancties hieromtrent te vrezen. De Bundesagentur für Arbeit stelde tot dusver steeds, dat als een Nederlandse inlener uitzendpersoneel van een Nederlandse uitzendpartij mee naar Duitsland neemt, dit geen probleem oplevert. Dat het in feite niet is toegestaan, is vermeld in artikel 1b van de uitzendwet. Die is al sinds jaren van toepassing en tot nu toe ook nooit gewijzigd. De enige wijziging die de zaak heeft ondergaan, is dat de Bundesagentur für Arbeit de zaak sinds 2015 anders interpreteert.

Heeft u vragen over de implicaties van de nieuwe uitzendwet en/of over arbeidsrecht in Duitsland, neem dan contact op met Nicki Welchering of Torsten Viebahn.