Goede beheersing van het Duits blijft onmisbaar voor bedrijfsleven

Vijf jaar geleden voerde de Nederlands-Duitse Handelskamer (DNHK) in samenwerking met de exportorganisatie Fenedex een onderzoek uit waaruit bleek dat Nederland jaarlijks € 7,8 miljard omzet met zijn belangrijkste handelspartner zou mislopen als gevolg van een gebrekkige beheersing van de Duitse taal.

Dit onderzoek van de Handelskamer en Fenedex bestond uit een enquête onder de eigen leden: bedrijven die zakendoen in of met Duitsland.  Eén van de vragen was of de ondernemer denkt dat het Nederlandse bedrijfsleven méér omzet zou kunnen behalen als we het Duits beter zouden beheersen. Op die vraag antwoordde ruim negentig procent: ja.

Om te kunnen kwantificeren, maakten de Handelskamer en Fenedex vervolgens een schatting. Nederland exporteerde destijds jaarlijks voor € 78,5 miljard naar Duitsland. Stel nu, rekenden de organisaties voor, dat we tien procent extra omzet zouden behalen als we beter Duits spraken. Dan zou dat op jaarbasis € 7,8 miljard extra omzet opleveren. “Die 7,8 miljard euro aan misgelopen omzet is dus gebaseerd op een schatting die weer is gebaseerd op een opinieonderzoek – hoe dan ook geen hard getal”, aldus Arjen van Veelen, columnist van nrcnext. Zowel Fenedex als de Handelskamer distantieerden zich al jaren geleden van dit cijfer, aldus Lars Gutheil, hoofd PR van de DNHK. Het is volgens hem een pure schatting.

Maar dát “steenkolenduits” tot omzetverlies leidt, staat voor Gutheil vast. Hoevéél valt volgens hem niet exact te berekenen. Al was het maar omdat ondernemers in beginsel geen boekhouding bijhouden van misgelopen handel. „Maar zonder enige twijfel gaat het om miljarden.”

Resteert natuurlijk de vraag, wat dan de werkelijke economische schade van “steenkolenduits” zou kunnen zijn? 2012 herhaalden Fenedex en de Handelskamer het onderzoek. Ditmaal schreven zij 2000 leden aan. Bijna 200 daarvan reageerden, een respons van ongeveer tien procent. Op de vraag of Nederlandse bedrijven meer omzet in Duitsland kunnen behalen wanneer zij de Duitse taal (nog) beter zouden beheersen, antwoordde 87 procent met ‘ja’. Dat is ongeveer evenveel als vijf jaar geleden. Eveneens 87 procent was het oneens met de stelling dat Engels voldoende zou zijn voor export naar Duitsland. En minder dan een derde meende dat de taalvaardigheid Duits van collega’s en eigen medewerkers aan de verwachtingen voldeed van de Duitse zakenpartners.

Ongetwijfeld blijft Duits onmisbaar voor het Nederlandse bedrijfsleven. Volgens cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek van januari dit jaar bedroeg de goederenexport naar Duitsland in 2010 ruim 90 miljard euro. Dat die omzet groter zou kunnen zijn, als we de taal en cultuur van de oosterburen beter beheersten, lijkt een waarheid als een koe.

  • gepubliceerd : maandag, 14 mei 2012